11. Mensen zijn materieel EN niet-materieel

Na 10 hoofdstukken voorbereidend werk, waarin we de wereld waarin we rondlopen beslist beter hebben leren kennen, kunnen we ons nu zonder omwegen met mensen bezighouden!
Ja, hoe zit het nou met ons mensen?

In het vorige hoofdstuk is beschreven dat we in mensen twee totaal verschillende soorten eigenschappen zien:
1)  materiële eigenschappen
Dit zijn de eigenschappen van mensen die vergelijkbaar of gelijk zijn aan de biologische eigenschappen van de dieren, zie hoofdstuk7 ‘Mensenleven(?)’. En als we daar goed naar kijken, wordt duidelijk dat dat allemaal eigenschappen van ons lichaam zijn.
Ja, lichamelijk gezien zijn mensen en dieren partners, want de dieren en het lichaam van de mens zijn onderdeel van de materiële elementen-wereld. Alle eigenschappen van het dier zijn ook aanwezig in het lichaam van de mens, inclusief zintuigen en meer complexe materiële gedragingen, op basis van anatomie, biologie en evolutie.

Ook hebben we in hoofdstuk 10 gezien dat wij mensen daarnaast nog een groot aantal ànders-soortige eigenschappen vertonen. Dit zijn al die eigenschappen die op een veel hoger plan werkzaam zijn, zoals persoonlijkheid, verstand en liefde, en die de mens pas werkelijk tot mens maken. En die zonder meer de kwaliteit en de waarde van ons leven bepalen. Al die eigenschappen hebben te maken met ons innerlijk, onze belevingswereld – en veel minder met ons lichaam. Om die reden noemen we die eigenschappen:

2)  geestelijke eigenschappen ( = niet-materiële, innerlijke eigenschappen)
Het woord ‘geestelijk’ heeft allerlei inhoud en betekenissen gekregen, vanuit het verleden. Om misverstanden en verwarring te voorkomen is het daarom nodig om hierover heldere afspraken te maken: in alle teksten van deze website geldt:
1) het woord ‘geestelijk’ heeft betrekking op de menselijke geest (VanDale Woordenboek)
2) geestelijk betekent: voortkomend uit ‘datgene in de mens dat denkt, voelt en wil’.
Het gaat dus om innerlijke vermogens en eigenschappen, die niet tot de meer uiterlijke, lichamelijke, materiële eigenschappen kunnen worden gerekend. En let wel: het onderscheid tussen die twee categorieën is haarscherp en kan onmogelijk worden ontkend, zoals we zullen zien.

Het bestaan van beide typen eigenschappen in de mens leidt tot de onontkoombare conclusie: als enige(!) bestaansvorm in de wereld is de mens een dubbel wezen.
Het is nu duidelijk dat de mens twee kanten blijkt te hebben, net zoals een munt twee kanten heeft, die onlosmakelijk aan elkaar gekoppeld zijn:
1)  via zijn lichaam is de mens een typisch biologisch, materieel, elementen-wezen, in alle opzichten vergelijkbaar met een dier.
2)  en door zijn ‘innerlijke’, geestelijke eigenschappen, die met verstand, bewustzijn en persoonlijkheid te maken hebben, is de mens een geestelijk wezen.

Daarmee nemen wij als mens een volstrekt unieke positie in in de wereld van bestaan.
Kijkt u gerust nog even naar al die typische mens-eigenschappen zoals die in hoofdstuk 10 zijn beschreven, en vergelijkt u die met de diereneigenschappen: het is zonneklaar.

Met die geestelijke eigenschappen stijgen wij mensen uit boven de eigenschappen van de natuur, boven de materiële wereld, boven ons eigen lichaam. Onze geestelijke eigenschappen zijn ook géén deel of product van ons lichaam, zoals we later nog uitgebreid zullen zien.

Ziezo, hiermee is een heel belangrijke stap gezet in de beschrijving van het unieke, dubbele wezen van de mens.
In het volgende hoofdstukken wordt vooral onze geestelijke kant verder beschreven, dat zult u begrijpen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*